zaterdag 28 oktober 2017

Avonddoekjes

Een van de meest opvallende en tot de verbeelding sprekende onderdelen van de Walcherse (en in mindere mate ook de Zuid-Bevelandse) dracht is het 'avonddoekje'. 

Een avonddoekje is een wit, grijs of zwart gebreid of gehaakt driekantig of rondlopend doekje met een sierrand. Het avonddoekje wordt op Walcheren uitgesproken als ‘èvundoekje’. Met de nadruk op de verlenging van de è klank… Haast onmogelijk te schrijven dus. In Arnemuiden noemen ze het een ‘netje’.


Bij onderzoek naar de herkomst van dit doekje op het vele fotomateriaal wat voorhanden is zien we opvallend genoeg dat vrouwen voor WOI geen avonddoekjes dragen. Avonddoekjes verschijnen pas in het straatbeeld na circa 1920. Dit bewijst dat de streekdracht zich lange tijd is blijven vernieuwen.

Tot WOI dragen vrouwen en meisjes voornamelijk vierkante, wollen doeken met franjes over de schouders. Deze doeken waren vooral bedoeld om de kou te weren. Van deze - vaak prachtige –geruite, pastelkleurige doeken zijn er nog veel bewaard gebleven.

foto geleend van Internet, fotograaf onbekend

Na WOI verschijnen er voorzichtig gehaakte en gebreide witte, kanten doekjes in het straatbeeld. Ze zijn nog niet meteen gemeengoed en worden in eerste instantie alleen ná het werk gedragen; vandaar ook de naam ‘avond’-doekje. In de loop van de jaren groeit het aantal vrouwen dat deze doekje vaker en langer gaat dragen. De vrouwen die zich als laatsten in de streekdracht hullen dragen de avonddoekjes veelal de gehele dag.  

foto geleend van Internet, fotograaf onbekend

Hoe kwam het dat avonddoekjes hun intrede deden in de streekdracht? Het vermoeden bestaat dat jonge Walcherse vrouwen in de periode tijdens de Eerste Wereldoorlog geïnspireerd worden door de kleding van de vele Belgische vluchtelingen die hun toevlucht zoeken in Zeeland. Boerendochters wilden ook wel eens wat nieuws uitproberen en zij zien bij de Belgische madammen de burgermode van die tijd met de mooie witte kanten kraagjes. Zij beginnen met het haken en breien van witte doekjes die als replica’s van de kanten kragen worden gedragen. 


De eerste doekjes worden aarzelend uitgeprobeerd, totdat het ‘experiment’ door de dorpsgemeente ‘goedgekeurd’ wordt. Zo breidt het gebruik van het doekje zich uit om gemeengoed te worden.


De meeste avonddoekjes werden gehaakt, maar er komen ook prachtig gebreide versies voor. Er bestonden geen geschreven patronen van avonddoekjes. Vrouwen verzonnen ze zelf of maakten ze van elkaar na. Bekend is het verhaal dat er op zondag tijdens de kerkdienst vaak heel goed naar degene gekeken werd die voor je in de kerkbank zat.. zo kon je het patroontje van een avonddoekje goed bestuderen en thuis namaken.



Wat opvalt bij de avonddoekjes is het dat er haast geen één hetzelfde is. Ze komen voor in werkelijk alle soorten steken, maten en vormen, waardoor ze ongelofelijk divers zijn. Ook de randen zijn vaak ware kunstwerkjes op handwerkgebied.


De driehoekige vorm leende zich er uitstekend voor om te laten zien welke handwerktechnieken je in huis had… of hebt.


De draagster van een grijs of zwart doekje gaf hiermee aan dat aan dat zij in lichte, halve of zware rouw was.

foto geleend van Internet, fotograaf onbekend

Mevrouw Vos uit Middelburg, nog dagelijks in dracht, hier in gesprek met een deelneemster van de Streekdrachtendag in Hoedekenskerke in 2015. Haar doekje heeft ze al lang afgedaan ;)


Kun je niet wachten op de resultaten van ons onderzoek, en wil je metéén aan de slag: Jeanet Jaffari van Blij dat ik brei heeft op haar site Tikkeltje Zeeuws het patroon van het avonddoekje van haar oma in de verkoop: Avonddoekje Johanna. Het patroon is gemaakt door Ans Baart.

 

Je kunt het patroon inclusief materiaal als pakket bestellen bij Tikkeltje Zeeuws

Wij zijn inmiddels al een poosje achter de schermen bezig om meer te weten te komen over de herkomst van avonddoekjes - zowel in verhalen als in beeldmateriaal. Maar natuurlijk ook om doekjes te verzamelen én om patronen uit te schrijven. (En oh.. wat is dat weer ontzettend leuk!!)

Want niet alleen voor streekdracht draagsters zijn deze doekjes en hun unieke patronen reuze interessant; ook zijn ze bij uitstek geschikt om mee te nemen naar onze tijd en er moderne varianten van te maken! 


vrijdag 20 oktober 2017

Wat in ’t vat zit..

Na héél lang eindelijk weer eens een berichtje over ons nieuwe handwerkproject!
Hadden we in maart van dit jaar net aangekondigd dat we met een nieuwe uitdaging gingen beginnen, bleken we vervolgens door privéomstandigheden geen tijd en ruimte te hebben om er actief mee aan de slag te gaan. Heel jammer natuurlijk, maar… zo gaat het leven soms.
We hebben echter goed nieuws: van uitstel is gelukkig geen afstel gekomen!

De komende tijd gaan we jullie bijpraten en meer vertellen: over ons nieuwe project én over tante Zoet. Want, we zeiden het al eerder: tante Zoet is niet ‘verzonnen’, tante Zoet bestond namelijk écht! Zij was een van onze oudtantes met de prachtige oud Zeeuwse naam Zoetje, die heel haar leven lang de Walcherse dracht heeft gedragen.


Wij hebben tante Zoet goed gekend en bewaren dierbare herinneringen aan haar. Ze was een sterkte, nuchtere dorpsvrouw met een groot en warm hart. Eigenzinnig kun je haar zeker noemen, misschien zelfs wel een tikkeltje eigenwijs. Tante Zoet ging bijvoorbeeld als jonge vrouw gewoon naar de gymnastiekvereniging (jawel, in dracht!) of zwemmen in zee (in badpak). Ze hield erg van de Tour de France en maakte graag reisjes door Nederland, waarbij ze het prima vond om in de belangstelling te staan omdat ze klederdracht droeg.

Toen haar tijdens het maken van een modereportage in het dorp gevraagd werd of ze samen met het model op de foto wilde gaan vond ze dat geen enkel probleem! Wij hoefden dan ook niet lang na te denken wíe we als boegbeeld voor ons nieuwe project zouden kiezen!


Als oudste dochter van een arbeidersechtpaar uit een klein Walchers dorpje staat tante Zoet in ons nieuwe project rolmodel voor álle ‘boere’vrouwen uit onze provincie! 

Want, daar gaat ons nieuwe project immers over: 
het brei- en haakgoed uit de Zeeuwse streekdrachten.

De volgende keer vertellen we jullie meer over onze activiteiten van de afgelopen maanden. Want, ook al waren we niet online actief, er is inmiddels al een heleboel interessants gebeurd, bedacht en gemaakt…!


donderdag 8 juni 2017

Tijdelijke pauze

Al een hele poos is het stil hier op het blog van Tante Zoet, en dat, terwijl we net wilden aanvangen met publicaties rondom het breiwerk van de Zeeuwse vrouwen.

De plannen voor dit nieuwe project zijn door onverwachte familiegebeurtenissen voorlopig even in de ijskast gezet. Anja en Stefanie hebben besloten om een - tijdelijke - stop in te lassen.

Dat betekent niet, dat er achter de schermen niets gebeurd. Er wordt door ons nog steeds volop gebreid, gezocht en uitgeprobeerd, maar.. voorlopig stellen we de voortgang van het nieuwe project en de publicatie van nieuwe patronen tot nader order uit.

Wij wensen iedereen een fijne, gezonde en creatieve zomer toe en hopen in het najaar weer online te zijn!


Hartelijke groeten van Anja, Jeanet en Stefanie

maandag 27 maart 2017

GeriefGoed...

Herinneren jullie je deze nog?


De flessenlikker. Wij zijn er mee opgegroeid. Vla en yoghurt zaten vroeger in een glazen fles. Als het laatste beetje uit de fles moest gebruikte je dit stuk gereedschap.

Lezers van 'onze' generatie (wij zijn van het derde kwart van de vorige eeuw) en ouder zullen zich dít ongetwijfeld ook herinneren: rond deze tijd van het jaar was het tijd voor nieuwe kleren.
In je 'goeie goed' ging je op je paasbest naar de kerk, naar opa en oma of naar een bijzondere visite.


Van: Elle eten
Dat 'goeie goed' werd in de loop van de tijd vuil. Dan werd het 'wasgoed'. Na het wassen kon een deel - opgevouwen en wel - zo in de kast.

Van: Wikipedia

Een ander deel ging eerst in een mand, een fase tussen 'wasgoed' en 'goed in de kast' (of: het 'schone goed'). In die mand zat het zogeheten 'strijkgoed'.

Als het 'goeie goed' niet meer zo 'goed' was werd het je 'daagse goed'. In dat stadium (van het 'daagse goed'  dus) kon het zijn dat er een extra stap zat tussen het kledingstuk als 'wasgoed' en 'schoon goed' of 'strijkgoed', namelijk 'verstelgoed'. Verstelgoed is textiel wat gerepareerd moet worden: een knoop er aan, de rits vervangen, een kapotte knie gelapt...
Na het 'daagse goed' werd het 'speelgoed'. Speelgoed is kleding die bijzonder geschikt is voor het vallen in sloten, uit bomen of op een grasveld.

Van een geheel andere orde is het 'werkgoed'. We hebben daarover al uitgebreid geschreven op ons Zeeuwse visserstruienblog, maar ook oliegoed is werkgoed.

Daarnaast heeft 'goed' nog een andere betekenis zoals die van 'juist' en 'correct', maar ook van 'aantrekkelijk', 'charmant' en 'knap'.

'GOED' dus...

Mensen van 'het platteland' zijn meer of minder bekend met de term 'geriefhout'. Geriefhout werd gebruikt op en rond de boerderij: voor stelen van bezems, spades, rieken en wat je kunt verzinnen waar je een langere of kortere houten steel of handvat aan kunt doen om het werk minder belastend te maken.
Dat 'geriefhout' kwam uit geriefhoutbosjes. Dit waren kleine bosjes van wilg, populier of bijvoorbeeld essen.

Geriefhoutbosje, van: mijngelderland.nl

'Gerief' vind je ook terug in het woord 'gerieflijk': 'aangenaam', 'behaaglijk'.

GERIEF dus...

Nu komen we op het punt waar het allemaal om draait. Tijdens onze zoektocht in Zeeland kwamen we niet alleen prachtige, gebreide visserstruien tegen. De Zeeuwen (zowel vrouwen als mannen konden breien, borduren en haken) maakten nog veel meer mooie dingen. Je kunt hierbij denken aan de labedissen (een soort lange handschoenen, geen blote armen in de kerk), avonddoekjes (gehaakt én gebreid), maar ook omslagdoeken, jakken en kousen.

We liepen er al een poosje op te broeden, hoe ga je het zoeken naar en vastleggen van deze oude patronen in het vat gieten. En hoe vertaal je dat naar de 21e eeuw? Dat gaan we doen met ons nieuwe project rondom 'GeriefGoed' (we bedachten dit woord zelf). Daarin willen we de originele patronen vastleggen maar er ook een moderne draai aangeven.
Dus: alles wat mooi, warm, behaaglijk, leuk om te maken of anderszins 'gerieflijk' is én gemaakt is van 'goed' valt onder deze noemer. Dat kan het prachtige, antieke, gebreide avonddoekje zijn, maar ook een paar lekker warme sokken met visserstrui motief.

Avonddoekje

En tante Zoet? Dat is geen denkbeeldige of verzonnen persoon. Tante Zoet bestond echt. Wie zij was en waar zij voor staat kunnen jullie binnenkort lezen.

Wordt vervolgd...


maandag 20 maart 2017

Welkom op ons nieuwe blog!

Welkom op ons nieuwe blog!

Binnenkort veel meer over 

GeriefGoed

en natuurlijk onze tante Zoet!