Het Geriefgoed van Tante Zoet is een nieuw project van Stichting Zeeuwse Visserstruien! Ook nu (onder)zoeken we weer gebreid goed, maar ditmaal van de Zeeuwse streekdrachten.
Hebt u vragen over patronen? Neem dan via e-mail contact met ons op.
Het is even wat stiller hier bij ons op het blog: Anja is (helaas) geveld door een pijnlijke schouderblessure (waardoor breien, patronen schrijven en computeren helaas op een laag pitje staan) en Stefanie en Jeanet maken, naast mantelzorgen, momenteel ook heel veel uurtjes in het 'werkzame' leven. Natuurlijk blijven er leuke dingen op ons pad komen, het vraagt alleen tijd om er in te kunnen duiken. Zeker nu de lente is aangebroken lonkt ook nog eens het buitenleven!
Daarom hebben we besloten om onze zomerstop iets te vervroegen, en per 1 juni 'uit de lucht te gaan'. Dat wil niet zeggen dat we niets meer zullen posten, maar in principe houden we vanaf nu tot eind september pas op de plaats.
Wij wensen iedereen heel fijne lente- en zomermaanden toe, en mocht er iets interessants te melden zijn dan horen jullie van ons!
Hartelijke groeten van Anja, Jeanet en Stefanie
vrijdag 15 april 2022
Wij wensen iedereen heel fijne en zonnige Paasdagen toe!
Eén van onze vaders heeft de volgende herinnering: tijdens een schoolvakantie mocht hij bij een vriendje gaan spelen op de boerderij. Aan het einde van de ochtend was het tijd om te gaan eten. Op sommige boerderijen namen de landarbeiders een stuutezak mee. In die stuutezak zat een stuutemaele, de boterham voor 'tussen de middag'.
Zo niet bij dit vriendje. De moeder des huizes had een stem als een klok en als haar stem niet hard genoeg was luidde moeders een bel die bij de achterdeur hing. Dat was het sein dat het eten op tafel stond en dat iedereen geacht werd om op zeer korte termijn aan diezelfde tafel te verschijnen. Als iedereen er was werd het brood gesneden. Moeders vroeg aan onze pa hoeveel boterhammen hij zou lusten. Dat waren er wel twee of drie, zo was het antwoord. Moeders ging aan het snijden. Tot zijn grote schrik werd het brood niet langs de korte kant - van boven naar beneden - verdeeld, maar werd het tegen de borst overlangs van voor naar achter in enorme boterhammen gesneden...
Deze moeder gebruikte geen broodplank, maar haar borst om het brood op te laten steunen. In het midden van de 20e eeuw was het heel gewoon dat een keuken een uittrekbare broodplank had. De plank had de breedte van een kastje en zat net onder het aanrecht. Aan een knop trok je de plank naar buiten. Als er een broodmaaltijd op tafel moest komen werd die uitgeschoven, de boterhammen gesneden en de plank verdween na gebruik weer onder het aanrecht.
Uittrekbare broodplank Foto: herkomst onbekend
Dat soort uitschuifbare broodplanken zijn nog steeds heel gewoon in verschillende landen, wij vonden ze in de keukens van Scandinavische landen. In Nederland zijn ze volgens ons verdwenen, nu veel mensen het brood gesneden kopen bij de bakker.
Wat hebben een broodplank en het GeriefGoed eigenlijk met elkaar te maken? Als gebruiksvoorwerp niet zo veel (alhoewel het het ook al over de flessenlikker en de kaasschaaf hebben gehad). Maar dat de uittrekbare broodplank geen typisch Nederlands verschijnsel is (net zo min als die kaasschaaf) toont aan dat dingen die we als 'streekgebonden' beschouwen dat helemaal niet hoeven te zijn. Kijk maar naar de haakmutsen, we trekken de conclusie al in deze blogpost, maar het geldt ook voor de kapertjes. Die kapertjes is voor ons nog steeds een betrekkelijk onbekend fenomeen. We vinden ze in Zeeland niet veel, maar ze werden blijkbaar wel gedragen. Maar was dat dan als streekdracht-kledingstuk of als 'algemene mode'? We hopen er over niet al te lange tijd meer over te kunnen melden. En: als er iemand is die ons verder kan helpen dan houden we ons aanbevolen!
Dat vrouwen hun ideeën voor avonddoekjes, haakmutsen en labedissen niet alleen in de kerk opdeden (zittend achter de buurvrouw die zo goed kon haken) kunnen jullie zien in deze uitzending van Omroep Zeeland van vrijdag 25 maart. De komende tijd is er elke week een nieuwe aflevering te zien.
Zin gekregen om ook iets te breien of te haken? Patronen van avonddoekjes, maar ook van de moderne varianten vinden jullie in de webshop. En als je het garen aanschaft in de winkel van Jeanet (in Arnemuiden of online) dan krijg je van haar het patroon er gratis bij!!
Je houdt ervan of je haat het: haken. Soms lijkt het net of 'haken' en 'breien' twee verschillende werelden, misschien wel twee verschillende kampen zijn. Wij houden het liever ergens in het midden: we doen het één liever dan het ander en soms draait dat om.
Net zoals we op zoek gingen naar de ontwikkeling van het breien proberen we ook al heel wat jaren de ontwikkeling van het haken te beschrijven. Maar: het fenomeen 'haken' bleef deels ondoorgrondelijk. Recent vonden we wel in verschillende uitgaves over 'nuttige handwerken' - zeg: in de loop van de 19e eeuw - dat 'breiden, naaijen en knoopen' nuttige handwerken zijn, maar dat er aan haken werkelijk geen alinea, zelfs nog geen letter wordt gewijd. Blijkbaar is haken geen nuttig handwerk, maar toch wordt het door veel mensen fanatiek beoefend. De vraagtekens blijven staan.
Een aantal oude doosjes kijken ons aan. Dichte kartonnen doosje,
met op de deksels labels uit vervlogen tijden: ‘Devrita haakgaren, 10 streng
á 50 gram. 6 perlé.’ De doosjes zijn verweerd en ruiken ‘oud’. Op een van de
deksels staat in een schuin handschrift geschreven ‘de nieuwste doekjes’.
We zijn zó benieuwd. Niet alleen naar wat er in die doosjes
zit, maar ook ‘wie’ we gaan ontmoeten. Ik verheug me op de ontdekkingsreis die
we gaan maken. Een soort opgetogen spanning, alsof je bijna jarig bent en niet
kan wachten om je cadeautjes uit te pakken. Zal ik nog even wachten met het
openmaken van de doosjes, om dat gevoel van opwinding nog een
moment langer vast te houden?
Ergens in het Gelderse land bedenkt Anke Grevers op een dag
dat het leuk zou zijn om een van de oude, gehaakte werkmutsjes die zij in de
collectie van de Gelderse Mutsen heeft gezien, na te haken en er een patroon
van te maken. Het is een schattig mutsje met een soort bloemenmotief en wat
‘dotjes’ erin verwerkt.
Een paar provincies verder snuffelt Stefanie door een zak met haakmutsen, die ze te leen heeft van Klederdrachtgroep de Arke. Ze bestudeert de mutsjes en kiest er eentje uit die haar wel leuk lijkt om na te haken, én om een patroon van te schrijven. Het mutsje lijkt niet al te moeilijk, het heeft een bloemenmotiefje en dotjes.
Weer een poos later ontvangt Stefanie per post een patroon van
Jenny Roozendaal van een Zeeuws-Vlaams werkmutsje. Jenny stuurt ook wat foto’s
op van dat desbetreffende patroon. Tot haar grote verrassing ziet Stefanie dat
het mutsje wat zij aan het nahaken is van de Arke, eenzelfde motief
heeft als het mutsje van Jenny! “Wat een toeval”, denkt ze, “dan hoef ik dus
niet meer verder aan te haken aan mijn exemplaar, want er bestaat dus blijkbaar
al een patroon van dit mutsje!”
Nadat Connie en Anke Grevers aan Stefanie hebben laten weten
dat zij het originele blad Boerderij in hun bezit hebben wordt er een afspraak
gepland. En als de vrouwen bij elkaar zitten geloven ze hun ogen niet: zowel
Anke als Stefanie hebben hetzelfde mutsje uitgekozen om na te haken en om een
patroon van te maken: het mutsje uit de Boerderij!
Hoe is het mogelijk! Dus zowel in de collectie van de Arke,
als in de collectie van de Gelderse Mutsen bevindt zich een werkmutsje naar het
patroon van Zeeuws-Vlaanderen uit de Boerderij. En.. laten nou zowel Anke als
Stefanie precies dát mutsje hebben uitgekozen om na te haken! Toeval.. bestaat
niet!
Meer weten over Zeeuwse haakmutsjes? In de volgende aflevering van Pronte Wuuven van Omroep Zeeland komen aan bod:
Tatarataaa… Dit is um nou, het originele blad Boerderij
waar we zo ontzettend lang naar gezocht hebben! Dankzij Connie Grevers, die het
blad jarenlang op haar zolder had liggen, weten wij nu eindelijk hoe dat zat
met de patronen van gehaakte mutsjes in dit boerenblad. En nadat Connie ons hierover
een bericht had gestuurd, konden we natuurlijk maar één ding doen: bij haar op bezoek
gaan!
Het is even een reis vanuit Zeeland, helemaal naar
Winterswijk. We kiezen er een dag voor uit dat ook zus Anke van de partij kan zijn.
Connie, Anke en hun moeder Henny zijn al jarenlang bezig met het vastleggen van
Gelderse werkmutsjes. Hun passie is net zo groot, en misschien nog wel groter,
dan die van ons. Dus niks leukers dan eindelijk een bezoek aan gelijkgestemde
zielen.. uh.. mutsen 😉