zondag 28 april 2019

Terugblik lessencyclus jeugd en streekdracht



Tussen alle bedrijven door zijn wij, Anja en Stefanie, inmiddels vier keer naar het Goese Lyceum afgereisd om mee te helpen met de lessen ‘Zeeuws handwerk versus de Zeeuwse jeugd’.
Op 17 april hebben de trotse leerlingen van klas 1Ba hun werkstukken gepresenteerd in het Gasthuis te Goes. Er volgen nog twee exposities: in de Zeeuwse Bibliotheek in Middelburg en het Stadskantoor in Goes.


Het begon allemaal met een mailtje van Eva Martens, docent Beeldende Vorming van het Goese Lyceum. Zij informeerde of wij als stichting Zeeuwse Visserstruien wellicht belangstelling hadden om mee te participeren in een project waarbij leerlingen uit de brugklas kennis zouden gaan maken met handwerk en streekdracht. Anja ging met Eva rond de tafel en samen ontwikkelden ze een serie van vier lessen waarbij de leerlingen kennis zouden maken met Zeeuwse streekdracht en handwerk. Het project werd aangemeld bij het LOF (Leraren Ontwikkel Fonds), die voor ondersteuning zorgde.


We lieten hier op ons blog al eerder foto´s zien van de eerste les, waarin Stefanie een introductie gaf over mode en kleding, over identiteit en over hoe dat vroeger was toen de mensen nog in de lokale streekdrachten gehuld gingen.

Tijdens de daarop volgende lessen lieten we onder andere zien dat avonddoekjes gehaakt en gebreid werden… en wat is dan het verschil? We lieten zien dat beukjes op Walcheren vroeger geborduurd werden, en in Axel heel uitbundig versierd met kraaltjes. We vertelden over het verplichte sokken breien, en wol winden van streng tot bolletje. De leerlingen mochten voelen, kijken en uitproberen. 


Vervolgens moesten ze met hun handen aan de slag. Dat viel in het begin niet voor iedereen mee! Er werd hard geoefend en uitgeprobeerd. Gelukkig was er steeds de geduldige hulp van de ervaren handwerkster Ria, die als vrijwilligster kwam helpen.



Geweldig leuk om te zien dat de klas steeds gemotiveerder en enthousiaster werd in het leren haken, kruissteekjes borduren en naaien!


Op stoffen tegels van schortenbont  -geleverd door Jeanet van Blij dat ik Brei- creëerden de kinderen vervolgens op creatieve wijze een modern stoffen schilderijtje met hun geborduurde en gehaakte stukjes handwerk erop.


En.. 17 april was het zo ver: op die ochtend mochten de leerlingen hun werkstukken presenteren aan de ouderen van Het Gasthuis in Goes. Er vonden heel leuke gesprekjes plaats tussen jong en oud, waarbij de Zeeuwse tegels met handwerk en streekdracht zeer gewaardeerd werden!


Het zit er weer op, en.. om eerlijk te zijn, vinden we het jammer dat de lessencyclus afgelopen is. Het was het écht ontzettend leuk om te hieraan een bijdrage te kunnen leveren! We hebben ervan genoten om jonge leerlingen enthousiast te krijgen voor streekdracht en handwerk, twee onderwerpen die zo vaak door de jeugd als ‘suffig en tuttig’ gezien worden!


In de Bevelandse internetbode verscheen afgelopen week een artikel over dit project, het is HIER na te lezen.




Ook is er een filmpje gemaakt voor het  Leraren Ontwikkel Fonds (LOF). Dit filmpje zal eind mei beschikbaar zijn. 

maandag 8 april 2019

Verhuizing en een nieuwtje


Het was even wat stil hier, op ons blog. We hebben een digitale verhuizing achter de rug die  - achter de schermen - de nodige tijd kostte. Met behulp van webmaster Simon is alles uiteindelijk goed verlopen, en konden we website en webshop gelukkig snel weer ‘uitpakken’ en ‘openen’!


Neem voorál weer eens een kijkje in onze webshop, waarin we regelmatig nieuwe patronen plaatsen. Zo staan er natuurlijk de patronen in van de avonddoekjes Martina, Pieternella en Wanne.


En die van hun ‘grote zussen’, de moderne omslagdoeken die we hiervan gemaakt hebben.

vrijdag 1 maart 2019

Pieternella: over namen & vernoemen


Generaties lang was het traditie om kinderen te vernoemen naar hun grootouders en overige familieleden, zoals ooms en tantes. Niet alleen in Zeeland vinden we dit terug, ook in de overige delen van Nederland golden er op dat gebied vaste ‘regels’. Het was heel simpel: je noemde je baby volgens een vaste volgorde naar beider ouders en naaste familieleden. Dit systeem had wel een voordeel; er hoefde ieder geval niet eindeloos gedubd te worden over een favoriete jongens- of meisjesnaam.

Tijdens onze zoektocht naar verhalen over de vrouwen, waarvan we breiwerk in Het Beddengoed hebben opgenomen, komen we het fenomeen van ‘vernoemen’ bijna altijd tegen. Om beter inzicht te krijgen in de levensverhalen proberen we altijd een stukje van de stamboom uit te pluizen. Dit doen we via de website Zeeuwen Gezocht. Het zal jullie niet verbazen dat er binnen families steeds min of meer dezelfde namen rouleren. De regels van het vernoemen maakte het leven indertijd misschien wel simpeler, maar van enige verrassingen is zelden sprake. Als je bovendien bedenkt dat de meeste mensen met dorpsgenoten trouwden kun je al snel de conclusie trekken dat er een in één dorp heel veel dezelfde voor- en achternamen voorkwamen.

Foto familie de Korte uit Meliskerke en Nieuwe Pekela: 
vader Kees, moeder Adriana en hun negen dochters.

Het vernoemen verliep in grote delen van Zeeland volgens een vast patroon (uitzonderingen natuurlijk daargelaten):

De 1e zoon kreeg de voornaam van de grootvader van vaders kant, gevolgd door de voornaam van de grootvader van moeders kant.
De 2e zoon kreeg de voornaam van de grootvader van moeders kant, gevolgd door de voornaam van de grootvader van vaders kant.
De 1e dochter kreeg de voornaam van de grootmoeder van moeders kant, gevolgd door de voornaam van de grootmoeder van vaders kant.
De 2e dochter kreeg de voornaam van de grootmoeder van vaders kant, gevolgd door de voornaam van de grootmoeder van moeders kant.

De daarop volgende kinderen werden volgens hetzelfde systeem vernoemd naar de broers en zusters van beide ouders. Dit uiteráárd afhankelijk van de hoeveelheid zonen en dochters binnen een gezin.


Er was één uitzondering: de namen van overleden kinderen, of boers of zussen van de ouders kregen voorrang. Als er een kindje was overleden (en daar kregen de meeste gezinnen indertijd mee te maken) dan kreeg het eerstvolgende kind van hetzelfde geslacht dezelfde namen als het kindje dat was overleden. Iets, dat wij ons nu heel moeilijk kunnen voorstellen, maar het was lang een ongeschreven wet.


Doordat er volgens vaste regel vernoemd werd liepen er binnen dorpen veel mensen met dezelfde namen rond. Dit maakte het dorpsleven er niet altijd eenvoudiger op, en onze zoektochten vandaag de dag ook niet. Als er bijvoorbeeld vier vrouwen waren met de de naam Elisabeth Provoost (allemaal vernoemd naar dezelfde grootmoeder, en allemaal voor het gemak Bette Provoost genoemd, want niemand gebruikte zijn gehele voornaam) dan ontstonden er in het dagelijks leven al snel bijnamen. 


Bijnamen worden niet of nauwelijks uitgesproken in het bijzijn van degene over wie het gaat. Dat is vaak niet voor niets, want bijnamen belichten vaak de wat minder flatteuze kanten van iemand. Wat ook gebeurde is dat mensen werden genoemd naar hun respectievelijke moeder, grootmoeder of overgrootmoeder. Je was dan bijvoorbeeld: Bette van Joane van Koosje Klitte. Of Piet van Keesje van Boordje Fret. En.. bijnamen vind je natuurlijk ook niet terug in officiële akten, wat ons speurwerk er ook niet altijd makkelijk op maakt.

Jongensnamen
Meisjesnamen
1. Jan
1. Johanna
2. Cornelis
2. Emma
3. Sem
3. Anna
4. Lucas
4. Eva
5. Finn
5. Sophie
6. Johannes
6. Fenna
7. Levi
7. Maria
8. Milan
8. Adriana
9. Marinus
9. Liv
10. Noah
10. Evi

Kijken we naar de namen top 10 in Zeeland van vorig jaar dan zien we dat van alle traditionele Zeeuwse meisjesnamen Johanna, Anna, Maria en Adriana nog steeds terug te vinden zijn. Bij de jongens wordt er ook nog steeds vernoemd: ook Jan, Cornelis, Johannes en Marinus staan in de top 10 van Zeeland.


Zoals jullie misschien weten komen Anja, Jeanet en Stefanie alle drie van het eiland Walcheren. Het breiwerk wat we in ons bezit hebben, krijgen en mogen lenen, komt dan ook bijna altijd van vrouwen uit onze directe omgeving. En dan zorgen die veelvuldig en vaak voorkomende voornamen best wel eens voor een vrolijke noot!

Een van de eerste avonddoekjes die Anja uitpluist en namaakt noemt ze Pieternella. Naar zowel de grootmoeder van Jeanet als de oma van Stefanie. In 2018 lijkt de naam Pieternella langzaam uit te sterven. Bij veel oude meisjesnamen kun je met een beetje fantasie nog wel een aardige moderne variant bedenken, maar bij Pieternella wordt dat wat lastig. Vroeger werden bijna alle Pieternella’s in het dagelijks leven ‘Pietje’ genoemd. Met die naam voor een meisje hoef je vandaag de dag écht niet meer aan te komen!

Avonddoekje PIETERNELLA

Als wij op een dag een leuk avonddoekje in onze handen krijgen informeren we naar de voornaam van de desbetreffende draagster: Pieternella. Oké, dat is niet handig, want die hebben we al. We besluiten daarom om de tweede voornaam te gebruiken voor het patroon. Maar, er komt nog meer breiwerk op ons pad. En jullie raden het vast al: ook dít breiwerk is van verschillende Pieternella’s geweest. Als er nú nieuw breiwerk op ons pad komt gaan we al bij voorbaat lachen: géén Pieternella.. alsjeblieft!!

Vandaag presenteren we onze 'nieuwste' Pieternella: Omslagdoek Pieternella


Omslagdoek Pieternella is een vergrootte variant van Avonddoekje Pieternella.


Het was best een uitdaging om het kleine avonddoekje om te toveren tot een schitterende royale omslagdoek, maar met hulp van Riet Andreas en Ans Baart is het weer gelukt!


Omslagdoek Pieternella is gebreid van mooi zacht garen van Lang Yarn op naalden 5.5. Deze Pieternella is een heerlijke lichte omslagdoek die uitermate geschikt is voor de deze tijd van het jaar!

Koop je de wol bij Jeanet in Arnemuiden? Dan krijg je het patroon van Omslagdoek Pieternella of Avonddoekje Pieternella er gratis bij.

Wil je alleen de losse patronen aanschaffen? Dat kan HIER VOOR DE OMSLAGDOEK en HIER VOOR HET AVONDDOEKJE!

woensdag 27 februari 2019

Lessencyclus jeugd en streekdracht

Een hele andere tak van sport...daar houden wij ons ineens mee bezig. Vandaag waren wij namelijk te gast bij het Goese Lyceum (in Goes, dus).

Enkele weken geleden werden wij benaderd door Eva Martens. Eva is docent beeldende vorming aan dat Goese Lyceum. Eva heeft een goed idee: Zeeuws handwerk erfgoed versus de Zeeuwse jeugd. Daarmee sleepte zij een subsidie binnen van het Leraren Ontwikkel Fonds en daarom worden wij benaderd...of we belangstelling hebben om deel uit te maken van dit project.


En zo staan we dan ineens voor de klas, dát hebben we met onze tak van sport nog niet (of láng niet) gedaan.
Wat is het leuk en wat is het een enthousiaste klas.
Stefanie heeft een presentatie gemaakt over mode; wie ben jij, wat zegt wat je aanhebt over jou, hoe denk je over mensen die iets anders dragen én hoe was dat vroeger. Het was vroeger helemaal niet anders dan tegenwoordig, dat kunnen we jullie wel verklappen.


Daarna bekijken we geborduurde beuken, gehaakte avonddoekjes en moderne gehaakte en gebreide varianten. Wat kun je daarmee, wat wil je ermee en zou je dat nu ook nog aantrekken?
Nou... in een aangepaste vorm willen ze het best wel aan. (En in een niet aangepaste vorm ook, om te proberen.) Helaas kan en mag je niet alles zo maar laten zien op het wereldwijde web... daarom hebben we een patroontje van een 19e eeuws speldenkussen uit Scherpenisse gebruikt.


Maar hoe doe je dat nu, borduren? Iedereen gaat snel zelf aan de slag.


De tijd vliegt, er wordt gezwoegd en geploeterd op de eerste kruissteken en iedereen krijgt de slag te pakken.


Volgende keer introduceren we het haken. En wat gaan we doen met die leuke 'tegels' die Jeanet speciaal voor deze klas maakte? (Op de foto hierboven heeft Eva er één vast.) Daarover later meer (cliffhanger ;-)

maandag 25 februari 2019

Het Beddengoed van Tante Zoet - afwerking

Wat een raar idee dat het BOMbonnement nu afgelopen is, en dat er daarmee een einde is gekomen aan ál die maanden waarop wij alle breisters van nieuwe patroontjes voor Het Beddengoed voorzagen.. We zullen het missen!

Het patroon van de complete deken is vanaf nu in zijn geheel te koop:
  • via onze webshop: prijs is € 7,50.
  • je kunt ook een wolpakket kopen bij Jeanet van Blij dat ik Brei; als je het garen bij haar aanschaft krijg je het complete patroon er gratis bij! Prijs van een wolpakket is afhankelijk van het gekozen garen.
In het laatste deel van het patroon gaan we uitgebreid in op de afwerking van de deken. Als afsluiting geven we twee manieren aan waarop je je deken kunt afwerken.

We horen en zien trouwens nog heel veel breisters die nog volop bezig zijn met het enthousiast (en tja, soms iets minder enthousiast ;) ) breien van hun blokken. Soms wordt er geworsteld, dat is absoluut waar, want zeker niet alle patroontjes zijn even gemakkelijk. Dat maakt het breien van deze deken ook zo leuk: om jezelf nét iets verder uit te dagen dan dat je normaal zou doen. Toch?!

Zoals gezegd: de afwerking. De eerste manier waarop je je deken kunt afwerken is met een smalle gebreide rand. Zo blijft de deken helemaal gebreid. Je vind de uitgebreide beschrijving in dit laatste deel.


De tweede manier die we kozen is om Het Beddengoed een stoffen afwerkrand te geven. Dit deden we al eerder, met de Zeeuwse Deken, die kreeg een prachtige rand van schortenbont.
De stof die we dit keer kozen is niet willekeurig. We kozen namelijk heel bewust voor sits.


Sits een stofsoort is die decennia lang in de Zeeuwse streekdrachten werd gebruikt. Als je kijkt naar het modebeeld vanaf ca 1780 tot 1850 dan zijn sitsen stoffen, meegenomen uit 'de Oost', mateloos populair. Als je ook maar een beetje wilde laten zien dat je het goed had, en wat te besteden had, dan koos je voor sits als stof voor je kleding.


Omdat Het Beddengoed volledig bestaat uit gebreide motieven uit diezelfde Zeeuwse streekdrachten is dit natuurlijk een hartstikke leuke (en schitterende!) keuze!

De komende tijd gaan wij (Anja, Jeanet en Stefanie) volop verder met het zoeken naar, en ontrafelen van het breiwerk - en ja, soms met een uitstapje naar haakwerk - van onze Zeeuwse voormoeders. Én naar hun verhalen natuurlijk! Wil je op de hoogte blijven van onze speurtocht? Volg ons dan hier, op ons blog!!

dinsdag 19 februari 2019

Snel...en een oproep

Snel, supersnel kregen we een reactie van het Libelle informatiecentrum op onze vraag over de schoudercape (vanaf nu noemen wij het een 'avonddoekje') uit Libelle nummer 52 van 1951.


Men kan ons niet verder helpen, het is niet duidelijk óf er nog van de auteursrechten op het patroon gebruik wordt gemaakt en wie dat dan zou doen. Verder wenst men ons veel succes.

En daarmee komen we bij jullie. We willen toch een poging doen om hier duidelijkheid over te krijgen. Daarom:

Wie kent de ontwerpster van het avonddoekje wat in 1951 werd gepubliceerd in Libelle. Het gaat om dit doekje:



Wij zijn benieuwd wie zij is (we gaan er voor het gemak even van uit dat het een vrouw is) en welk contact en contract zij met Libelle had.

Reacties graag alleen per e-mail naar: zeeuwse visserstruien @ gmail.com (en dat zonder alle spaties) of via deze link.

Verder: de kanalen via archieven zoals in de Koninklijke Bibliotheek hebben we al bewandeld. Die tip hoeven jullie ons niet meer te geven.

maandag 18 februari 2019

Kunst en kitsch moment

Wie het programma wel eens bekijkt kent het moment: de laatste persoon in de uitzending van 'Tussen kunst en kitsch' die aan dé tafel komt met de presentator en een deskundige. En wát is het stuk wat ter tafel wordt gebracht dan uiteindelijk waard...

Zo'n moment hadden wij bij de Theevisite bij Tante Zoet. Zoals jullie hebben kunnen lezen op het blog van Jeanet en in de post hieronder was het gezellig druk en hebben wij (en jullie hopelijk ook) een heleboel inspiratie opgedaan.


In de loop van de morgen komt dit avonddoekje van de schoonmoeder van Christien Zuidweg (van Zuid-Beveland) op tafel. Het heeft een vorm die we nog niet gezien hebben en sluit met twee knoopjes aan de hals. Door die vorm valt het doekje mooi rond de schouders.










Christien heeft al verschillende keren geprobeerd het doekje na te breien, maar de 'verborgen' meerderingen blijken steeds het struikelblok.
Anja bekijkt het doekje en ziet er wel brood in om te proberen het patroon te reconstrueren. Er wordt afgesproken dat Tante Zoet in de loop van dit jaar het doekje een poosje mag lenen om een patroon te fabrieken. Tot zo ver.

Ongeveer een uur later komt mevrouw De Dreu (van Walcheren) met haar zoon de theevisite bezoeken. Omdat het achterin het atelier wat rustiger is maken we daar een praatje. Mevrouw vertelt dat ze coupeuse is geweest en voor haar moeder en al de zussen van haar moeder de kleding maakte. Alle dames waren in dracht en ook avonddoekjes werden door mevrouw De Dreu gebreid en gehaakt.
Eentje heeft ze er meegenomen. Ze doet haar tas open......en wat komt daar tevoorschijn.....(tromgeroffel).... precies eenzelfde avonddoekje als van de schoonmoeder van Christien.


Iedereen die aanwezig is ziet dit gebeuren, een soort van lichtflits, mensen met kippenvel op hun armen, openvallende monden...moeten we nog verdergaan?
Ook Christien is verrast, misschien kunnen we bijna zeggen verbijsterd. Er gebeurt namelijk nog meer: mevrouw De Dreu heeft niet alleen precies hetzelfde avonddoekje, maar óók het patroon van dat avonddoekje.
Het patroon is afkomstig uit een Libelle van begin jaren 1950. Herkent u het, het 'Tussen kunst en kitsch-moment'?


Voor ons is dit de bevestiging van wat we al langer 'roepen', avonddoekjes volgden de mode van dat moment. Nog leuker is dat we dat nu ook kunnen bewijzen. Mevrouw De Dreu vertelt nog meer, maar dát houden we nog even 'geheim'.

Nu we een patroon 'in handen hebben' willen we daar natuurlijk graag wat mee doen. Het originele patroon is geschreven volgens de handwerk-regels van dat moment. We weten zeker dat het voor de huidige generatie handwerksters veel vragen zal oproepen.
Daarom zijn we in gesprek met Libelle. Hier heb je namelijk te maken met auteursrechten. We mogen (en willen) die natuurlijk niet schenden.

'Werk in uitvoering' zullen we maar zeggen.